KANNIE WAAR ZIJN/ KNARRENHOF/ BELEIDSONDERZOEK/ HET KAN ANDERS – 2

| JAARGANG 4 | NUMMER 192 |

| 17-12-2017 | 11.00 uur |


 

| KANNIE WAAR ZIJN |  

 

Soms word ik ergens op gewezen dat ik denk: ’t kan niet waar zijn! Ik schreef al eerder over de vernieuwde omgeving van het station in Bergen op Zoom en het tunneltje daarin.

Gisteren werd ik door een burger gewezen op de voorziening van fietsen bij de trappen van en naar het tunneltje onder het spoor. Aan de oost kant is het geultje om je fiets omhoog te duwen keurig in het midden van de trappen geplaatst. Aan de westkant is dat geultje recht onder de armleuning geplaatst, waardoor je niet met je fiets rechtop omhoog kan zonder met je stuur, je handremmen of je trapper tegen het hekwerk van de leuning te komen. Feitelijk is het geultje onbruikbaar. Wie verzint nu zo iets? Waarom aan één kant goed en aan de andere kant vrijwel onbruikbaar en een ergernis van de eerste orde?

Louis van der Kallen

 


 

| KNARRENHOF |  

 

U kent ongetwijfeld nog wel het programma ‘Krasse Knarren’ van Van Kooten en de Bie. Dit satirisch programma had echter wel een serieuze ondertoon, namelijk de behoefte van ouderen om zo lang mogelijk zelfstandig en vitaal te blijven, dit geldt ook voor het wonen.

Het vorige kabinet heeft een strikte scheiding doorgevoerd in Wonen en Zorg. Zij heeft daarmee een stap gezet naar een zorgsysteem met meer eigen verantwoordelijkheid van de burger. Meer dan 30 % van het oorspronkelijke budget voor deze zorg is daarbij echter bezuinigd. Als oplossing werd het begrip “mantelzorg” voor duizend en één zorgproblemen ingevoerd. Veel ouderen en mensen met een beperking zoeken veiligheid, geborgenheid en onafhankelijkheid als het gaat om hun (toekomstige) woonbehoefte, waarbij zorg op aanvraag geleverd kan worden. Daarnaast is ook de behoefte aan ontmoeting en sociaal contact groot. Men is op zoek naar ouderwets burenfatsoen en nabuurschap.

Ooit waren er in Nederland, ook in Bergen op Zoom, plekken waar armeren, ouderen en zieken samen woonden in hofjes. Een besloten en veilig, maar zeker niet overdreven luxe en comfortablel woonhofje. In Bergen op Zoom is Huize St. Gertrudis, in de volksmond Den Erremeblok, daar een goed voorbeeld van. Het hofje is enkele jaren geleden  flink gerenoveerd en biedt woonplezier aan een groot aantal ouderen. Een goed behouden woonvoorziening en een goed voorbeeld om dit in een eigentijdse vorm ook elders in onze gemeente te realiseren. Vlak in de buurt, tegen het  hofje aan, staat wijkaccomodatie De Korenaere, een laagdrempelige voorziening waar de bewoners van Den Erremeblok naar toe kunnen gaan om te kaarten, biljarten, een ontspannende activiteit te volgen of gewoon een kopje koffie te drinken.

In Nederland is een organisatie actief die de grote voordelen van de vroegere hofjes als het ware hebben herondekt: Knarrenhof Nederland. Hun aanpak is gebaseerd op de hofjes van vroeger. Een woonvoorziening met een gemeenschappelijke tuin en hobby ruimte. Het is beslist geen woongroep, want niets moet gezamenlijk maar het kan wel als daar behoefte aan is. De bewoners van een Knarrenhof organiseren samen het onderhoud, de zorg, energie enz. met hulp van de Landelijke Stichting. Wat de bewoners zelf kunnen, doen ze zelf.

Vlak bij Huize St. Gertrudis en De Korenaere ligt al jaren een kale vlakte aan de Korenmarkt, waar jaren geleden een kazerne stond en momenteel in gebruik is als parkeerplaats. Dit zou volgens mij een heel geschikte plek zijn om ook daar een Knarrenhofje te realiseren, met een binnenterrein en/of -tuin, in de binnenstad dicht bij voorzieningen. In de naaste omgeving staat ook nog het verder verpauperende Ketrientje. Ook zou (een gedeelte van) deze plek ideaal zijn om daar eveneens een Knarrenhof te realiseren. Maar buiten de binnenstad zijn er natuurlijk meer plaatsen of wooncomplexjes  in onze gemeente die geschikt (te maken) zijn als Knarrenhof. Denk hierbij aan de ouderenwoningen aan de Schoolstraat en de Hadrianushof in Halsteren met een wijkaccomodatie en zorginstelling in de nabijheid, op het Fort aan het Lourdesplein, het Vossenpad en de Lepelaar in Lepelstraat, het terrein van de voormalige wasserij in Borgvliet, in Oost enz.

Knarrenhof, misschien geen compleet nieuw uitgevonden idee, maar zeker meer dan de moeite waard om het goede uit het verleden op een eigentijdse wijze opnieuw invulling te geven. De komende weken zal ik er meer over schrijven.

Piet van den Kieboom

 


 

| BELEIDSONDERZOEK |  

 

“Vertrouw nooit beleidsonderzoek” was de kop van een artikel in de Volkskrant van de hand van Jan Kuitenbrouwer. “Feiten heilig? Niet voor de politiek” en  “besluiten die worden genomen op grond van rammelend onderzoek of conclusies die worden aangepast aan de politieke wens, het is niks nieuws” zijn twee andere citaten uit het opiniestuk van Jan Kuitenbrouwer.

De aanleiding is het NOS bericht waaruit blijkt dat het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), dat een grote invloed heeft op het politieke beleid in Nederland, de politiek jarenlang onderzoeken heeft laten beïnvloeden om uitkomsten te krijgen die het eigen gelijk van ministers en topambtenaren bewijzen. Onderzoekers van het WODC zijn jarenlang onder druk gezet om onderzoeken te produceren die van grote invloed waren op het softdrugsbeleid van Nederland, zoals ministers het wensten. Het ministerie van Justitie en Veiligheid maakt voor onafhankelijk en objectief onderzoek vaak gebruik van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum. Dit WODC speelt een belangrijke rol in het overheidsbeleid, want ook al is het gevestigd in het Ministerie van Justitie, het had de reputatie van uiterst onafhankelijk instituut. Volgens het protocol van het WODC is directe bemoeienis van de minister of zijn beleidsmedewerkers uit den boze. “Dienstenopdrachten aan het WODC om formuleringen, uitkomsten, onderzoeksmethoden of veronderstellingen aan te passen of anderszins te veranderen, zijn niet mogelijk” aldus het Protocol van het WODC d.d. 12 augustus 2016. Naar nu blijkt is die onafhankelijkheid met voeten getreden. Belangrijke besluiten, zoals over het coffeeshopbeleid in Nederland en ook in Bergen op Zoom zijn beïnvloed door politieke sturing op onderzoeken van het WODC.

In Bergen op Zoom zijn de coffeeshops, onderbouwd met naar nu blijkt waardeloze rapporten van het WODC, tegen de wens van de BSD gesloten. In 2014 wijde de BSD er een stelling van de dag aan.

In 2015 en in 2017 schreven we brieven met ideeën over de ontwikkeling en productie van hoog kwalitatieve softdrugs in relatie met het Philip Morris terrein. Door het college weggewoven, mede gebaseerd op beleid dat tot stand is gekomen met als basis de WODC rapporten die zoals nu blijkt verre van onafhankelijk zijn. Tijd voor een heroverweging van het beleid. Het wordt tijd voor een veilige voorziening van hoog kwalitatieve softdrugs zonder dat de onderwereld er rijk van kan worden.

Louis van der Kallen

 


 

| HET KAN ANDERS – 2 |  

 

Hemelwater bufferen/infiltreren

Sinds de industrialisatie is de groei van steden versneld en is om redenen van volksgezondheid overgegaan tot het gezamenlijk afvoeren van het afvalwater en het hemelwater door middel van ondergrondse riolen. Door de klimaatveranderingen is er sprake van toenemende neerslag in korte perioden, waardoor de bestaande riolen vaak niet meer toereikend zijn. Gecombineerd met het besef dat het schone hemelwater niet noodzakelijker wijze in ondergrondse riolen en voor veel geld afgevoerd en gereinigd dient te worden, is het zaak te komen tot een wijziging van het huidige beleid en verandering van de praktijk.

Vertragen en bufferen moet het uitgangspunt zijn. Infiltratie in de bodem is ook goed voor de aanpak van hittestress. Water in de bodem werkt koelend bij verdamping. De verhardingen en bebouwingen zijn voor hemelwaterinfiltratie de belemmerende factoren. Die moeten dus aangepakt worden. In veel stedelijke gebieden is veel oppervlak onnodig verhard, veelal om dat dit het onderhoud minder nodig en goedkoper zou zijn. Onbedekt/ongebruikt verhard oppervlak moet echter ook onderhouden worden. Nu vaak met ongewenste bestrijdingsmiddelen. Onbebouwde wilde grasvelden, die bijvoorbeeld maar twee keer per jaar gemaaid behoeven te worden, zouden best wel eens een goed en kostenbewust alternatief kunnen zijn. De campagne steenbreek: ‘tegels eruit, groen of tuin erin’ is daarvoor zowel voor burgers als overheden een goede start.  

Maar er kan veel meer. Zoals de toepassing van waterdoorlatende verhardingsmaterialen. Te denken is aan: grasbetonstenen, poreuze klinkers, klinkers met open voegen of losse materialen als grind, steenslag, schelpen of houtspaanders. Maar ook combinaties zoals mengsels van steenslag en gras en open bestratingspatronen. Als er meer ruimte is en de bodem geschikt, kan hemelwater ook van daken en verharde oppervlakken direct naar grasvelden, plantsoenen, wadi’s of oppervlakte wateren als brand- en hemelwatervijvers geleid worden ter infiltratie. Ook aangelegde infiltratie-stroken/kratten/putten en grindbakken/koffers, waterpleinen en groene daken kunnen afhankelijk van de situatie goede alternatieven zijn. Positieve effecten kunnen zijn: aanpak verdroging natuur, vermindering hittestress, verbetering luchtkwaliteit, verbetering van de biodiversiteit en verhoging van de belevingswaarde van een meer groene omgeving. Als er veel ruimte is kan er ook gekozen worden voor een ‘urban wetland’ zoals Kristalbad tussen Hengelo en Enschede.

Als vrijwilligheid niet werkt kan een ‘tegeltax’ een reëel alternatief worden. Ik schreef daar eerder over.

Louis van der Kallen

 


Boekenlegger op de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

achttien − drie =